Geschiedenis
La Marengo
De naam Marengo eert de Slag bij Marengo (1800), waarbij Napoleon het Oostenrijkse leger versloeg. Ter herdenking liet de Subalpijnse Republiek gouden munten slaan; de naam bleef hangen voor alle latere Italiaanse 20 lire munten.
Na de oprichting van het Koninkrijk Italië in 1861 werd de gouden 20 lire de nationale beleggingsmunt. Geslagen onder drie koningen (Victor Emanuel II, Umberto I en Victor Emanuel III), weerspiegelt de munt een halve eeuw Italiaanse monarchie.
Als lid van de Latijnse Muntunie was de Marengo inwisselbaar met de Franse Napoleon, de Zwitserse Vreneli en de Belgische Louis: identiek gewicht, identiek goudgehalte. De productie liep aanvankelijk in meerdere munthuizen (Rome, Milaan, Turijn, Genua), later uitsluitend in Rome.
Zijn dubbele waarde maakt de Marengo aantrekkelijk: bijna 5,81 gram fijngoud én een numismatisch stukje Europese geschiedenis. Bepaalde jaargangen of munthuizen kunnen een hogere verzamelwaarde hebben.
Wie een doosje oude Europese goudstukken erft, vindt de Marengo bijna altijd tussen de Franse Napoleons en de Zwitserse Vreneli’s. Dat is logisch: door de Latijnse Muntunie hadden ze exact hetzelfde formaat en gewicht, en ze circuleerden gewoon door elkaar. Het opschrift en het portret verraden het land, de weegschaal ziet geen verschil.
Voor de taxatie maakt dat niets uit. Elk stuk wordt apart gewogen en apart afgerekend op zijn eigen fijngoud maal de dagkoers. U hoeft uw doos dus niet vooraf te sorteren; wij doen dat aan tafel en u ziet elke stap.